13. Burgemeesters

> Categorie: Bie het onderwies Gepubliceerd: maandag 28 september 2009

Toen Gerrit in Olst kwam, ging de  burgemeester vort. Dat had natuurlijk niks met Gerrit te maken, allewel!? Meester Ridder van Rappard was een heel ampärte figuur. Dat had Gerrit emerkt toen hee weer gezond verklöörd was. Hee had zich bie de burgemeester emeld um weer te kunnen beginnen. Diee zei rustig tegen hem, dat zien zönneken, Alexander, feitelijk in Hengforden nöör schole most, möör dat hee, Ridder van Rappard, hem döör nieet hen zol sturen, umdat …. Gerrit ekuurd had. “U zou hem eens kunnen besmetten! Men kan immers nooit weten”. Natuurlijk had de man gelieke dat Gerrit in zien zieekte terugge zol kunnen vallen en dat er dan weer besmettingsgevöör kon ontstoan, möör zuk soort dinger zeg iej een mense toch nieet recht in zien gezichte?! Gerrit most achterof toogeven dat Ridder van Rappard wel eerlijk en recht deur zee was.

Van Rappard vertrok nöör de gemeente Heemstede. De gemeentebode, Heijink, een bèteren was ter in Nederland bliekböör nieet, ging met zien baas mee.

De opvolger van de burgervader wier de heer Nawijn. Het was een jonge keerl. Hee had een echt burgemeesterspostuur en hee was heel autoritair, bevelerig, astrant. Tenminste, zoo begon hee zien loopbane as burgemeester. Gerrit begreep dat wel. Hee was in de schole precies zoo tegen de kinder. In Olst merkten hee dat goed. Zien collega’s, uutgezonderd Lutske van der Tempel wären heel anders. Diee hadden gin ‘in-orde-holden-holding’ neudig Diee hadden een natuurlijk gezag! Gerrit veulden dat hee dat misten, oke al dachten anderen döör anders oaver. En dat wat hee had, had Burgemeester Nawijn oke. En dat botsten met mekäre! Dat wier dudelijk, toen der In Gerrit zien klasse een ‘proeflesse’ deur een sollicitant veur een tiedelijke betrekking egeven most worden.

Gerrit had de vierde klasse toen. Op een dinsdagmärn, noa het spölkwärtier, zol een kandidoat diee les geven motten. In het spölkwärteir gooiden Gerrit alle ramen lös, wat hee altied deej. Een lekker fris windjen weiden deur de ruumte. Op dat moment kwammen de inspecteur, Dubel, en Nawijn binnen, want diee zollen beiden de les van ene Sprokholt uut Welsum biewonnen. Toen ontspon zich het volgende gesprek: Nawijn: “Doe onmiddellijk die ramen dicht!” Gerrit: “Nee Burgemeester, in het speelkwartier moet er flink gelucht worden”. “Als u niet onmiddellijk die ramen sluit … !” Gerrit: “Nee, dat is tegen de voorschriften, Burgemeester … “. “U hebt mij te gehoorzamen …!” Dubel: “Ho, ho, meneer Nawijn. U hebt daar niets over te vertellen. De heer Kuijk handelt helemaal volgens de regels die momenteel gelden en hij hoeft Uw bevel niet uit te voeren, Meneer Kuijk, gaat U maar een lekker kopje koffie drinken, wij redden ons verder wel!”

Burgemeester Nawijn had ‘het nakijken’ en hee is ter nooit meer op terugge ekoamen. Hee en Gerrit hebt èvenwels mekäre heel erg leren achten deur hun beider onverzettelijkheid. Dat lieten ze mekäre ook wel blieken!

 

Het wier prettig werken onder dit gemeentelijke gezag. Nawijn stond veur modern onderwies, bieveurbeeld veur wat Gerrit zien vader altied zei, het ‘sleutelonderwies’: “Geef een kind de sleutel tut de dinger, möör loat as het möör èven kan, dat kind zelluf de deure tut de wiesheid lösdoon”. Dat leidden op de schole van Meuleman tut een soort totaliteitsonderwies, dat de kinder individueel benoaderen konden. Gebouwen ‘bezeuken’ en de kinder der ieder veur zich en samen binnen loaten kieken! Bie Gerrit leidden dat tut een lessenserie diee uutmondden in een zee van meugelijkheden veur de kinder. En hee hield toch ieder kind ofzonderlijk goed an de liende. De lessenserie ging heel simpel oaver Olst. De serie heetten ook enkeld ‘Olst’.

Gerrit en zien kinder belèèfden der een boel plezier an!