106. Huilerig Uitoneeltje - Aan Piet Paaltjens (François Haverschmidt)

> Categorie: Literatuur Gepubliceerd: donderdag 10 juni 2010

Het is triest in de lucht

En hij is het huis uit gevlucht

En de regen pijpt nu met stralen

En in de tranen met tuiten

loopt hij wenend naar buiten

in zijn eentje oneindig te balen

En hij schuilt bij een huis

Van het dak hangt een buis

Daaruit straalt het water van ’t lekken

Hij rilt als een gek

want het stroomt in zijn nek

en dan langs zijn rug tot zijn bekken

En hij kleumt van de kou

En als een lijk is hij grauw

En zijn tranen lijken bevroren

En hij voelt zich een sulen

wil heel hard gaan brullen

maar zijn stem gaat in ‘t ruisen verloren

Stel U voor deze man ongeschoren

En zo vindt hem zijn vrouw

En zij brengt hem heel gauw

weer naar huis om zijn tranen te drogen

Hij is volkomen apathisch

maar niet al te astmatisch

want dat is toch wel overtogen

En ze geeft hem een mes

Dat lijkt een heel rare ges-

te - net of hij zich moet gaan killen

En dan krijgt hij een bak

en een heel grote zak

en mag hij weer uien gaan schillen

En nu de moraal

van dit waterig verhaal

Trouw nooit met een bazige tante

want het panoramá

is een melodrama

met scènes – zeer larmoyante

want huilerig rijmt niet op tante