Bietsen

> Categorie: Columns Deventer Dagblad Gepubliceerd: donderdag 11 december 2008

Als ik naar het Centraal Station wandel, word ik staande gehouden door een man. "Haben Sie vielleicht Geld für ein' tasse Kaffee _ ? Bitte Sie _ !"

Ik graai in mijn zak. Ik voel een rijksdaalder. Ik bedenk me geen moment. Ik leg de munt op de vingerloze handschoen. De man tikt aan zijn sjofele flaphoed. Deze bedelaar heeft weer wat te verteren. Dat is wat er door me heen gaat. Meer niet.

Dan beginnen mijn molens daarboven te malen. Langzaam, gedegen. Mensen als de net ontmoete man gaan door mijn brein: eenvoudige zwervers, alcoholisten, drugsverslaafden, uitgestotenen. Zonder geld kunnen ook zij niet. Zij moeten eten, drinken, spuiten, slapen, zich kleden. Zij zijn aangewezen op schooien, bedelen, stelen. "Bitte Sie" klinkt nu voortdurend in mijn oren. Het is in de herfst van 1960, als me dit overkomt.

Een jongen laat mij een tabaksdoos zien. Die doos lijkt van zilver. "Zilver", zegt hij, "gebietst bij mijn vader. Hij is zo verslaafd aan het roken dat hij mijn sjek erbij wil hebben. Hij bij mij bietsen, ik bij hem bietsen. Zo gaat dat. Hij schooit mij tabak af voor zijn pijp, dan ik zijn doos." "Iej bint een voele bietser", zeg ik. De jongen grijnst.

Ik ken jongens die in deze oorlogsjaren '44 - '45 hun bietsende vader anders benaderen. Een van hen, een naam noem ik niet, heeft in zijn shagdoosje op zijn shag een briefje gelegd, want hij weet dat zijn vader stiekem af en toe een beetje tabak pakt om een shagje te draaien. 'Koop zelf tabak, schooier!' staat er op dat briefje. Hij beschouwt zijn vader niet als een dief, maar als een bietser, een bedelaar die verslaafd is aan nicotine, als een arme schooier.

Bitten, een Duits woord, is verzoeken, smeken. In diezelfde taal bestaat beten. Dat is bidden in het Nederlands. Dan is er betteln. Dat is bedelen of schooien. Ik zie er een climax in: bitten, beten, betteln. Het Gotische 'bidjan' is bitten en beten in het Duits, dus verzoeken en bidden. Er is ook feitelijk geen verschil tussen beide. Het ene doet men ten opzichte van een godheid, het andere van een persoon. In beide gevallen is men een 'Bittescher', ook al ben ik dat woord in het Duits nooit en nergens tegengekomen, maar in het Saksenland wel: bietser.

En dan weet ik plotseling weer, waardoor de gebeurtenissen rondom bietsen mij te binnen zijn geschoten. Dat komt door 'Van Dale'. Af en toe blader ik erin om ideeën op te doen. Ik kijk dan meestal niet naar de te verklaren woorden, maar naar de verklaringen. Als ik die 'vreemd' vind, noteer ik ze. Plotseling zie ik 'beach-comber' staan. Dat is een strandjutter. Dan zie ik het te verklaren woord: bietsen. 'Van Dale' wil mij doen geloven dat 'bietsen' en 'bietser' afkomstig zijn van het Engelse 'beach-comber'. Dat wil er bij mij niet in! Ik vind het niet zo vreemd dat een bietser met een strandjutter vergeleken wordt, zeker niet als een taalgeleerde die vergelijking maakt, hij weet immers niets van strandjutten, maar beach-comber wordt bij een verbastering door mij een 'bietskomkommer' of 'bietskommer', maar geen bietser. Bietsen moet in dat geval 'bietskommen' zijn. Maar ik ben misschien toch wel te dom om deze wetenschap te beoefenen. En dit laatste gebeurt dan nu, in 2001.

1944-'45, 1960, 2001. Het volgens mij Nedersaksische 'bietsen' gebeurt nog steeds. Wie mensen bezig ziet en hoort, merkt veel loven en bieden op. Natuurlijk, bietsen heeft een wat ongunstige gevoelswaarde, maar mensen willen immers allerlei dingen van elkaar gedaan hebben! Of heb ik het mis? Ja, dat heb ik inderdaad voor een heel groot deel fout! Er zijn veel mensen die niets 'vragen' willen, zij schamen zich ervoor dingen te 'verzoeken', zij willen niet 'bidden' en 'smeken', zij beschouwen dat als 'bedelen'. Zij vinden zich 'bietsers'! En van die laatste categorie zien zij er teveel om zich heen. Daarom vrezen zij een oordeel. Hun devies is 'Liever dragen dan vragen'.