Reppelen

> Categorie: Columns Deventer Dagblad Gepubliceerd: vrijdag 20 februari 2009

"Is volksetymologie 'tzelde as folklore?" Ik moet lang nadenken. "Ik moet je eerst uitleggen wat folklore feitelijk is. Tot de folklore behoort zeker de streektaal. Ook de klederdrachten. Dan kookgewoonten, teelt van oude gewassen, terughalen van oude vruchtsoorten als bepaalde appels en peren. Folklore wil niet anders zeggen dan volksoverleveringen die in ere gehouden worden. In die zin is volksetymologie zeker 'volksleer' of onderwijs over het volk en door het volk. Folklore is een Engels woord. Het is waarschijnlijk voor het eerst gebruikt door de Engelse handelaar in oude boeken, ook volksboeken, William John Thomas, die het woord vormde uit het Engelse 'folk', volk, en het Middelengelse 'lore', onderwijzing of wetenschap. Je zou dus kunnen zeggen dat volksgeschiedenis een onderdeel vormt binnen de folklore. Maar ook de taalkundige geschiedenis van woorden, etymologie, acht ik daar een deel van. Voortdurend zijn taal en gebruiken met elkaar verbonden".

En hele tijd zwijg ik. Welk voorbeeld zal ik nu eens geven van volkswetenschap. Dan schiet me dat woord in de zin, dat Jan mij deze week aanreikte. 'Reppelen'. Er ligt een stam aan ten grondslag, die gemakkelijk het volk, de taalgebruikers de gelegenheid geeft verschillende klinkers in te vullen: rap, rep, reep. "Neem nou bijvoorbeeld 'rap'," zeg ik. "Rap betekent snel. We zeggen nog steeds dat we ons naar huis moeten 'reppen', als we te lang gewerkt hebben of ons te lang vermaakt hebben. Van reppen komt 'reppelen'. Iemand die rap _, rap _, rap _, rap _ iets doet, achter elkaar een aantal snelle bewegingen maakt, is aan het 'reppelen'. Het volk maakt zo'n woord, wij dus. Dat is geen knapheid of geleerdheid, dat zit in ons, in ieder mens! Wij ver'zin'nen van alles. Het komt ons in de zin! En onze zin zit binnen in ons, het is ons zijn.

Er liep eens een vader met zijn zoontje door een bos. In het midden van dat bos was een beschutte weide. Het zonnetje scheen. Koeien lagen lui te herkauwen. In de schaduw aan de rand van de wei stoeiden wat konijntjes met elkaar. Ze sprongen op elkaars achterste en maakten wat rappe, heftige, springerige beweginkjes _ . Iedere keer was dat snel voorbij. Het jongetje stond er gebiologeerd, gevangen naar te kijken. "Wat doot dee knientjes, Vaaaa_ ?" Antwoord: "Dee bint met makäre an 't reppelen". "Wöörumme _ ?" "Wöörumme zit iej altied op oew stool te reppelen?" "Ik mot zo lange stille zitten!" "Nou, dee kniee'n mot oke vake stille zitt'n _ ." Dat antwoord was afdoende. En zo is 'reppelen' in de betekenis van 'het doen' bij konijnen ontstaan. Dat is volksetymologie en _. Folklore!

Reppelen heeft niet veel te maken met repel. Dat is een voorwerp om vlas te scheuren, een reep is immers een afgescheurd stuk stof of papier of een strook land. Vlas werd na een bepaalde bewerking over de hekel gehaald. De oude manier om dat te doen behoort tot de folklore. Reep is in dit verband verwant aan het Engelse 'to rope'. 'Rap' daarentegen is verwant aan het Oudnoorse 'hrapa', wat vallen, naar omlaag gooien, zich haasten betekent. Het is ook het grondwoord van 'rapen' . Wat gevallen is, moet men rapen. En daarmee is misschien ook 'een gevallen vrouw' etymologisch verklaard!"

Ik zwijg. We kijken elkaar aan. "Wat mooi toch", krijg ik te horen. Ik schaam me een beetje. Het is misschien enkel mooi door het directe woordcontact. Ik vind het meer geheimzinnig. Even geheimzinnig en verborgen als het gebeuren na het reppelen in de lijfjes van de konijntjes. En ik zie me thuis weer op de stoel zitten, wachtend op het teken dat ik op mag staan: "Wat zit iej weer op oew stool te reppelen? De voetbal begint pas um twee uur!"