Midlijk

> Categorie: Columns Deventer Dagblad Gepubliceerd: dinsdag 16 december 2008

Langs de grote boerderij gaat de fietstocht. Boerderijen interesseren me. Dat zit in mijn Dommerholdsgenen, denk ik. Ik stap dus af en laat de anderen gaan. De boer is ook belangstellend. Die fietser wil wat zien. Maar wat? Hij staat voor de enorme deeldeuren; die zijn precies in het midden van het gebouw aangebracht. "Wo'j d'rin?" Korte maar vriendelijke vraag. "As 't mag?" "Tuurlijk, 'k make de middeldeuren uut de klinke". Hij licht de klink. De grote deuren zwaaien open. Een zoetige geur waait mee. De deuren zijn zo groot, dat midden in de inrit een paal geplaatst is waarop de deuren vergrendeld moeten worden. Ik kijk verbaasd. "Dee middeler mot der wel in. Zon oppervlakte hef anders te weinig steun, en iej mot toch oke ene deure kunnen dreien loaten!" Ik begrijp het. Middeler, mooie naam voor een paal die in het midden staat. Geeft ook mooi de naam weer van iemand die bemiddelt. "'t Is good da'j neet middelweks hier bint ekommen; goonsdag he'k 't arg drok", zegt de boer. Ik knik. Dan gaan we samen het 'gedoo' bekijken. Dan zet ik mijn tocht voort.

Of ik nu in de buurt van Borculo of die van Diepenveen fiets, overal kom ik dezelfde Saksische taalverschijnselen tegen. Op mijn tocht van vandaag kom ik door de plaatsen Diepenveen, Schalkhaar, Wesepe, Raalte, Broekland, Middel, Olst, Eikelhof. Ik fiets over de Midlijkerdijk. En ik denk: 'Straks kom ik door Middel'. Midlijkerdijk wordt door mij uitgesproken als Middelijkerdiek. "Dat is natuurlijk de weg, diek, dee in de middel lig'", zeg ik hardop. Ik ben daar in gedachten zo mee bezig, dat ik vergeet bij oude vrienden aan te gaan. En ik heb geen zin terug te rijden.

Midden of middel. De N en de L liggen bij hun vorming elkaar bijna in de weg. In het Nedersaksisch verdrijft de ene klank de andere. Zo wordt Midden tot Middel. Op mijn fietskaart heb ik eens nagetrokken hoe Middel ligt ten opzichte van Olst, Wijhe en Raalte. Inderdaad, ergens in 'de middel'.

De woordvorming Midlijkerdijk of Middelijkerdiek is mij nooit helemaal duidelijk geweest. Misschien is Middelijk gevormd naar het klankbeeld van oostelijk, westelijk en andere vormingen. "Nem iej de oostelijke of westelijke route". "Gin van beiden, ik goa langs de middelijke diek". Heel logisch is het dat er een overgangs- medeklinker tussen sluipt: Middelijke-r-diek.

Inmiddels ben ik in Wesepe, het land tussen de weiden. Even niet denken, dan uitkijken en de Raalterweg oversteken. Raalte laat ik maar rechts liggen. De zon staat nu op zijn hoogst. Het is middag. In het Oude Saksenland was het nu middi daga. Het verband met het Gotisch is hoorbaar: midjis daga. In het Latijn is midden terug te vinden als 'medius'. Ik voel me plotseling als een 'medium' dat bemiddelt tussen de standaardtaal en de dialecten en ik voel hoe ik inspiratie krijg om die bemiddeling waar te maken. En plotseling voel ik me enorm rijk, want ik heb de middelen in me om te bemiddelen tussen talen, tussen mensen, tussen talen en mensen, kortom ik denk plotseling aan die middenpaal in die middeldeuren op die boerderij in de Achterhoek, Want daar draaiden de grote deuren niet om, maar ze werden erop gesloten en ... geopend. En dat laatste ontroert me plotseling, want ik mag als die boer voor de deel de belangstellende de sleutel aanreiken, waarmee diezelf de grote deuren naar en van het taalerf mag 'losdoen'.

Midlijk heeft veel bij mij losgemaakt. De Midlijkerdijk is ineens een symbool. Eigenlijk fiets ik die weg wekelijks. Mijn krant komt waarschijnlijk ook bij mijn oude vrienden daar. Dan bezoek ik hen dus wekelijks. Ik heb wroeging gehad dat ik niet 'aangegaan' ben, maar die wroeging is verdwenen.