Keukenmennekes

> Categorie: Columns Deventer Dagblad Gepubliceerd: maandag 15 december 2008

Als Ali mij het boek geeft met de woorden 'Kijk hier maar eens in', begin ik hardop te lachen. "Waarom lach je nou weer?" Ik zeg dat ik-weet-niet-wie laatst tegen mij opmerkte, dat mijn vrouw wel driekwart van het onderzoekswerk voor mijn stukjes in de krant voor haar rekening zou nemen, want 'daar zul jezelf wel geen zin in hebben'. "En wat heb jij toen gezegd?" "Dat hij heel erg overdreef, maar dat jij, omdat ik hier nu eenmaal de keukenman ben, wel veel voor me doet bij het op- en uitzoeken van allerlei zaken. En daarom moet ik lachen, want keukenman lijkt op 'keukenmenneken', al is dat laatste heel wat anders. Dan kijk ik naar de titel van het boek: 'De Volksnamen van onze planten'; schrijver Dr. H. Uittien; uitgeverij W.J. Thieme & Cie te Zutphen. Dat is aardig, want volgens gegevens van enkele ongeveer tachtigjarigen is 'keukenmennekes' een woord uit het Zutphense dialect. Toen ik dat vernam, heb ik stad en land afgebeld om te horen wie het woord kende. En inderdaad bleef die woordkennis beperkt tot Zutphen en omgeving, 'emigranten' uitgezonderd. In Wageningen bleek het woord bekend bij mensen die afkomstig waren uit Zutphen, die daar in hun jeugd bij Huize 'De Voorst' en langs de oude 'Almense Binnenweg' de kleine rode en zwarte besjes van de heesterachtige boompjes plukten; die stonden vaak als hagen langs weg en land. Op mijn vraag hoe de heester of boom heet, waar de 'keukenmennekes' af kwamen, kreeg ik maar geen antwoord. Totdat ik Lex, mijn neef van de Weg naar Laren in Zutphen belde. "Gerrit, ik bel oe binnen een hallef uurken weer, dan weet ik het!" En inderdaad, van de dames H. had hij het antwoord: 'Krentenboompje'. Toen greep ik 'Heukels', de schoolflora. Op bladzijde 468 vond ik 'Amelánchier Med.', 'Krentenboompje'. Ik ontdekte dat de vulgaire of gewone ook wel 'junibes' genoemd wordt, maar nergens 'keukenmanneke'.

En nu dat boek dat Ali mij gegeven heeft. Ik blader er wat in: Hoofdstuk 11. MANNETJES EN WIJFJES. "Merkwaardig is dat in vroegeren tijd het volk planten, die nogal veel op elkaar geleken, onderscheidde door de bijvoegsels: manneken en wijfken en daarvan zijn tegenwoordig onder de volksnamen nog overblijfsels te vinden". Dan volgen een aantal voorbeelden, zoals leverkruid, dat boelkencruydtmanneken en tandzaad, dat boelkencruydtwijfken genoemd werd; grote weegbree - vrouwtjesplantein, smalle weegbree - mannetjesplantein. De schrijver vertelt ook, dat de zaadgevende bloem vaak vrouwtje genoemd wordt en de zaad-ontvangende mannetje, omdat die sterker zou zijn. Precies omgekeerd wat de werkelijkheid is. Dat geeft mij twee antwoorden op de vraag 'Waar komt -menneken in 'keukenmenneken' vandaan?' Het is een oude volksnaam, Nedersaksisch getint, die '-vruchtje' of '-besje' of '-krentje' betekent. Als ik Ali vertellen wil wat ik lees, is zij me al voor: "Nou zeg, moet je horen: '"Keukenmennekes" noemden we de vruchtjes van het krenteboompje (Amelanchier). Voer voor vogels'." Zij geeft me ook dat boek, een prachtig boek met schitterende tekeningen van bomen en planten. Onder het hoofdstukje 'april' kan ik het zo nalezen. Die Lot van den Akker kan tekenen, zeg!. 'Eigenaardigheden in m'n tuin' heet het. Uitgeverij Terra. Plaats .... drie maal raden, denk ik ..., Zutphen. Daarmee heb ik keuken- niet verklaard, maar in juni vinden de vogels hun fijne keuken in de junibes of het krentenboompje. "Bedankt", zeg ik, "Je hebt me weer fijn geholpen". En ik kijk vertederd naar mijn eigen krentenboom, die in het voorjaar zo prachtig wit bloeien kan. "Weet jij van wie we dit boek hebben gekregen? Van Ineke en Wim, die vaak aan de andere kant onder het krentenboompje zitten", lacht Ali.