Iwasken

> Categorie: Columns Deventer Dagblad Gepubliceerd: zaterdag 13 december 2008

Mazerhout staat daar. Door het raam van het informatiecentrum op deze boswachterij, ik fiets in de buurt van Ommen, kijk ik op een knoestig brok hout, dat gepokt en gemazeld is. Ik wist niet dat 'Maserholz' een vertaling in het Nederlands kent. In het Duits ben ik het weleens tegengekomen, in het Saksisch nog nooit. Jammer dat dit centrum momenteel gesloten is, want ik zou graag een gesprek gehad hebben over typisch Nedersaksische namen voor natuurverschijnselen en hun verbanden met volksnamen voor ziekten bijvoorbeeld. Bij mazerhout of maserhout denk ik immers onmiddellijk aan het Duitse 'maserig', gevlekt en dus aan 'masern', in het Nederlands 'mazelen'. Als ik daar met mijn gedachten ben, lig ik weer als jongetje van vijf jaar in het bed dat mijn ouders beneden in de achterkamer voor mij en mijn jongere broertje hebben neergezet; we hebben de mazelen. Ja, ik hoor het nog goed. Moeder zei niet: 'Gerrit en Nol hebben mazelen'. Ze zei: '... de mazelen ...'. Wij lagen dus ziek aan de mazelen. Ieder vlekje was blijkbaar één mazel. Later werd het juiste taalgebruik van Moeder bevestigd door de lessen die ik kreeg. Eén mazel was als het ware een bloedbelletje. In het Middelnedersaksisch is 'mase' vlek. 'Hee hef de mazelen', 'hee hef de miezels', 'hee hef de blekskes', is heel juist uitgedrukt. De mensen gebruiken dus hun taal volkomen correct, zonder taaltheorieën te kennen. En dat verwondert me niet, want 'Taal' is geen wetenschap, 'Taal' is een gebruiksartikel. Maar mijn gedachten raken nu aan het dwalen. Ik moet terug naar het spoor van gezwelletjes dat de mazelweg aangeeft. Ik voel me als Klein Duimpje, die zijn broers het pad naar huis moet wijzen.

De naam 'Iwasken' schiet me te binnen. En ik zie de 'hibiscus' thuis voor het raam in bloei staan. En hoe komt dat? Ik heb gelezen dat de naam 'hibiscum' Keltisch zou zijn en dat de oudste planten uit dit geslacht gevlamde en gevlekte bloemen hadden, die op de mazelen leken. De hibiscus werd als een duivelse plant gezien, want ziektes waren van duivelse makelij. Staande hier voor het venster in de Ommense bossen met mijn ogen gericht op het maserhout zie ik de klanken van hibiscum als tekens verschuiven: hibiscum - ibiscum - iviscum - ivascum - iwaskum - iwasken ... . En ik ervaar de juistheid van deze theorie.

In sommige streken wordt met 'iwasken' kinkhoest aangeduid. Ziekten als kinkhoest en mazelen en rodehond troffen vooral jonge kinderen; die konden door de boze geesten gemakkelijk gestraft worden. Die geesten be-iever-den zich de kinderen dwars te zitten uit noa-iever, naijver of afgunst. Vandaar dat ook de schrijfwijze 'ieversken' voorkomt.

Ik stap op. Ik kan hier toch niet terecht. Genietend van de omgeving denk ik aan mijn ziekbed onder de mazelen. Wat werd ik verwend. Het liep tegen sinterklaas en ik herinner me dat de juffrouw van de bewaarschool op bezoek kwam. Ze had Sinterklaas ontmoet. Die had haar cadeautjes voor mijn broertje en mij meegegeven. Ik kreeg een spoortreintje; dat moest je 'opdreien'. Hoe lang het locomotiefje geleefd heeft, weet ik niet. Maar dat ik hier nog goed gezond mag fietsen, is mede te danken aan het feit dat ik de 'iwasken' als jong kind gehad heb, waardoor ik er zonder kwade gevolgen doorgekomen ben. En ik denk tevens aan al die kinderen die allerlei 'ziekten' nog moeten 'afweren', voordat zij volwassen zijn. Want de duivelse ziekelijke verleidingen liggen overal op de loer. De iwasken, ieversken, iwsen, mazelen kan men genezen of voorkomen langs medische weg. Het hoeft zelfs niet bij het onderdrukken van verschijnselen te blijven. Maar hoe staat het met verslavingen? Denk niet dat het de iwasken zijn, Gerrit!