Grölen

> Categorie: Columns Deventer Dagblad Gepubliceerd: vrijdag 12 december 2008

Als de soldaten in de Middeleeuwen een aanval op hun tegenstanders beginnen moesten, werd de krijgstrompet of de 'gorelle' gestoken en het signaal 'aanvallen' werd de hemel in getoeterd, met het geluid van zeven olifanttrompetten, gevormd door de als 'tröters' gestoken slurven van deze dieren. Dat zag ik gebeuren op die tekenfilm van Disney, die ik toevallig te pakken kreeg, toen ik aan het 'kanaalzwemmen' was op mijn televisie. En denkend aan die Middeleeuwse 'gorelle', 'grelle', of zoals wij, lui uit Oost-Nederland waarschijnlijk zouden zeggen, 'grölle', vergat ik die hele tekenfilm. Ik zat weer in de schoolbanken en ik was bezig met een repetitie Duits. Het was een proefvertaling Nederlands-Duits. Eén zin stond me weer helder voor mijn witte geestpapier: De dieren waren begonnen klagend te loeien. Gelukkig wist ik, dat ik loeien kon vertalen met 'grölen', wat uitgesproken diende te worden als 'kreulen', maar dan met een stemhebbende k-. Maar ik wist niet of ik 'grölen' of 'gröhlen' spellen moest. Voorzichtig draaide ik mijn hoofd naar rechts, om te kijken of mijn buurman er al wat van gebakken had, maar die was nog met de titel bezig, die hij blijkbaar niet vertalen kon. Ik moest gokken. Het werd 'gröhlen' met een -h-. Later bleek dat ik het me niet zo moeilijk had hoeven te maken, want volgens 'Kramer' vonden die pünktliche Duitsers beide spellingen goed. En nu pas brengt die belevenis van toen mij op een aantal opmerkingen over 'grölen'.

In ons Nedersaksische taalgebied heeft 'grölen' op verschillende plaatsen verschillende betekenissen. In Olst en omgeving betekent het 'leedvermaak hebben'. Ik kan me voorstellen dat iemand ziet, dat de banden van de splinternieuwe auto van zijn buurman aan flarden gesneden zijn. "Hee ging noa buten too en ston' bie de wagen van zien buurman te grölen". Natuurlijk doet men zoiets in Olst niet, het is maar een voorbeeld. Zo'n 'gröle' zie je ook, want het is een half verborgen grijns, die van het ene oor naar het ander trekt. In Deventer en naaste omgeving betekent 'grölen' hetzelfde als in Olst, maar het wordt altijd met de toevoeging 'in' gebruikt. Ik herinner dat een buurjongetje op school niet overging. Een ander buurjongen zei: "Vrouw Dinges, Piet is blieven zitten. Naer hè?" En een glimlach van genotteren trok langs zijn mond. "Döör mo'j neet in grölen", zei de buurvrouw. In de IJsselstreek wordt trouwens voor het hebben van leedvermaak ook vaak de term 'groeien in' gebruikt: "Hee greujt in het ongeluk van een ander". In Lichtenvoorde en verre omgeving heeft 'grölen' een gunstiger betekenis. Als men 'gröölt', heeft men gewoon plezier in zijn binnenste. Terwijl men het wel uit wil schreeuwen van de pret, ligt er slechts een glimlach om de lippen. "Kind, kind, wat zit iej doa stillekes te grölen, hei'j soms een vrindjen?" De meest uiteenlopende spellingen van 'grölen' komt men, helaas, tegen, zowel in literaire teksten als in woordenboeken. Ik herinner me de volgende: gräolen, gräölen, gröälen, gröalen, greulen (hier heeft de schrijver gedacht aan de -eu- in 'freule'), gruilen (de -ui- werd ook als zodanig uitgesproken), grölen (zee gröölt). Bij deze zeven spellingen wil ik niet te lang stilstaan. Zelf geef ik altijd in zulke gevallen de voorkeur aan die spelling, die mij het duidelijkste woordbeeld levert, dat beeld dus wat al enigszins bekend is. In het Duits spel ik 'grölen', in het Dèventers, Olsters, Vordens, Zutphens dus ook.

Wat een gedachten kunnen grölende olifanten losmaken! En dan 'hoor' ik nu pas dat grölen waarschijnlijk als toeterende klanknabootsing begonnen, in eeuwen tijds tot een stillere uiting van al of niet gerechtvaardigd plezier geworden is.